Spiegelreflectie
Vandaag heerlijk gewandeld in Amsterdam. Ondanks de bittere koude toch genoten van mensen en gebouwen. Op een goed moment streek ik neer in een goed verwarmd Grand Café aan het Leidseplein. Ik was de 3e bezoeker in een etablissement wat wel 300 bezoekers aankon.
Ik bestelde koffie en voegde me tussen de twee andere gasten. Knus in de serre met uitzicht door de levensgrote pui op het Leidseplein. Ik roerde in mijn koffie en keek naar buiten en staarde naar mijn eigen reflectie in het vensterglas. Bijna veertig. Gek genoeg zet dat feit allerlei denkprocessen in mijn hoofd in gang waar ik weinig zin in heb. De broosheid van het leven, het terugkijken op wat al geweest is. Ik lijk wel zeventig!
De man links naast mij is ongeveer zeventig. Hoe zou hij terugkijken op zijn leven? De man rechts van mij is midden vijftig en reageert vriendelijk op mijn “goedemorgen”. De man links negeert me volledig. Samen staren we naar buiten of naar ons spiegelbeeld.
Starend naar mijn grijze haar overdenk ik mijn leven. We hebben het goed. Gezonde kinderen, mooie en uitdagende baan. Dit jaar al weer negentien jaar getrouwd en voor zover we weten zijn we goed gezond. Toch bekruipt me een gevoel van melancholie. Zou dat komen door het ouder worden of doordat ik tijdens mijn wandeling naar Bob Dylan luisterde op mijn iPod? Naarmate ik ouder word heb ik minder antwoorden en misschien wel meer vragen. Ik krijg een minder uitgesproken mening over bepaalde zaken en kan veel beter leven met mensen die anders denken dan twintig jaar geleden. Is dat winst of juist verlies?
Hoeveel jaar heb ik nog om een bijdrage te leveren aan het gezin, de kerk of de maatschappij? Ben ik een fraaie etalage voor God’s Koninkrijk of mankeert en hier en daar nog wel eens wat aan? Ik denk het laatste. Ik ben een worstelaar. Een vragensteller. Een zoeker. Er is nog zoveel te leren en te weten, maar het ontbreek me aan de tijd. Het leven leven is keuzes maken. Wat blijven er dan nog veel dingen liggen! Ik heb de eeuwigheid nodig om te ontdekken en te leren.
Ik overdenk mijn fouten en mijn missers en ja, ook de sporadische successen. Ze zijn als kaf in de wind, nog slechts opgeslagen in de krochten van mijn herinnering. Ik neem steeds vaker genoegen met gewoon en genoeg. Door de intensieve jaren van pastoraat (eerst vijf jaar gevangenispastoraat, nu al weer bijna vijf jaar gemeentewerk) heb ik meer gebrokenheid gezien dan me lief is. En toch geeft dat rust. Mijn eigen gebrokenheid zie ik soms weerkaatst in de ogen van een pastorant en het bindt ons samen. Welke apostolische vader zei ook alweer dat door de barsten in ons leven het licht van God’s liefde zichtbaar wordt? Ik ben het vergeten.
Reflectie is goed. Het confronteerd je met je onvolmaaktheid en het drijft je naar Christus en zijn genade. Aan tafel lazen we zojuist uit Psalm 119:
Gelukkig wie de volmaakte weg gaan
en leven naar de wet van de HEER,
gelukkig wie zijn richtlijnen volgen,
hem zoeken met heel hun hart.
Zij bedrijven geen onrecht,
maar gaan de wegen die hij wijst.
Een lichte glimlach sierde mijn mond toen ik deze woorden voorlas. “Ach wat, ik ben pas veertig!”






Recent commentaar