In het commentaar van mijn laatste bericht vraagt Johan of ik eens iets kan schrijven over het toepassen van deze regel in mijn leven. Ik zal daar in deze post een antwoord op proberen te geven.
Johan vraagt zich af of de Regel “werkt” of dat ik hoop dat deze “zal gaan werken”. Dat is een interessante vraag. Gek genoeg heb ik er nooit zo over nagedacht omdat ik vanuit een totaal andere invalshoek naar een levensregel kijk.
Laat me het proberen uit te leggen met twee voorbeelden waaruit duidelijk zal worden hoe ik dat zie. Het eerste voorbeeld is die van een bril. Brildragers kijken niet naar hun glazen, hoe duur en vakkundig deze ook geslepen zijn. De reden dat zij niet naar hun glazen kijken is dat het hele doel van een bril is om door de glazen te kijken naar de dingen die we zien in het dagelijkse leven. We kijken juist door de glazen zodat we kunnen zien wat de glazen ons scherp laten zien.
Zo ervaar ik een levensregel. Om als het ware “doorheen” te kijken en daardoor het leven met God scherper te leren zien.

Het tweede voorbeeld komt uit de tuin. Sommige planten hebben ondersteuning nodig van bamboestokken om op een goede manier te groeien. Zou je de stok weglaten, dan zakt de plant al snel in en groeit deze slecht en kan hij zich niet meer oprichten. Juist door de plant structuur en hulp te geven, zal deze snel en op een gezonde manier groeien.
Een levensregel fungeert als zo’n bamboestok. Het geeft structuur aan ons leven en zorgt voor een gelijkmatige groei omdat een levensregel geen ruimte laat om onze stokpaardjes te bereiden. De vraag of “het werkt” is voor mij dan ook veel minder relevant dan de keuze om via de Regel te kijken naar de wereld om mij heen en daaruit keuzes te maken.
In de praktijk betekent dit voor mij dat ik op een andere manier ben gaan bidden. Meer gestructureerd. Ik bewandel niet langer het pad van mijn eigen voorkeuren, maar laat me leiden door een vooraf bepaalde liturgische indeling. Daarvoor gebruik ik het Keltisch Gebedenboek van de Northumbria Community, maar ook het Klein Getijdenboek.
Deze structuur helpt me heel erg om me te laten leiden door de lezingen van de dag in plaats van mijn eigen agenda. Dan is het vaak verrassend om te zien dat de dagelijkse lezing erg aansluit bij mijn gevoelsleven. Het Klein Getijdenboek werkt met de Psalmen. In een maand tijd bid je door (bijna) alle Psalmen heen. Dat is meer waardevol dan ik kan uitleggen; de woorden van God die door mijn eigen mond worden uitgesproken nestelen zich in mijn hart en corrigeren, onderwijzen, ondersteunen of prikkelen.
Binnen die structuur van een gebedenboek is er voldoende ruimte voor een vrij gebed. Het Klein Getijdenboek noemt dat “gebedsintenties” en het Keltische Gebedenboek noemt dat “prayer for others”. Die combi van vrije gebeden en structuur omvatten voor mij “the best of both worlds”. Structuur in mijn geestelijk leven is voor mij noodzakelijk anders word ik stuurloos en laat ik mijn leiden door mijn gevoel, variërend van een enorme zin om te bidden tot een absolute tegenzin. De structuur van de getijden houdt mijn geestelijk leven dus stevig vast.
Daarnaast roept de Regel in navolging van de woorden van Jezus op tot actie. Een verandering van houding en van keuzes. Zo probeer ik bewust de ander centraal te zetten. Het behoeft weinig betoog om te zeggen dat dat niet altijd lukt. De woorden van Jezus laten me juist vaak zien dat ik in Hem moet blijven want zonder Hem is er weinig liefde voor anderen en veel zelfgerichtheid. Mijn levensbron is dus Christus, Hij staat centraal, niet ik. Ik denk dat ik meer Christo-centrisch ben gaan leven. Tegelijkertijd wordt daardoor de worsteling met jezelf een stuk groter en ontdek je dat geestelijk leven ook een bepaalde mate van volharding nodig heeft. In de grondbetekenis is er niets mis met het begrip ‘ascese’ (oefening). Die oefening en gerichtheid is broodnodig om werkelijk te leren leven, dat kost strijd. Maar geen overwinning zonder strijd.
Een Regel is dus per definitie anders dan een serie regels of bepalingen. Daarbij kun je lekker afvinken. Dat is volgens mij wat de Farizeeën en Schriftgeleerden met de instellingen van God deden. Jezus laat in de Bergrede duidelijk zien dat het zo eenvoudig niet ligt. De onderwijzing (torah) is niet een extern papier waar je op kun spreken maar moet in het hart worden gelegd om vanuit te kijken en te leven (zie Jeremia 31:33).
Om die reden is de Regel ook steeds iets wat bijgesteld kan worden. Deze veranderd met je mee. Een Regel is niet statisch maar organisch en dat is de kracht. Je blijft door een Regel juist over je leven nadenken en probeert de diepste waarden uit de Regel toe te passen op de terreinen van je leven.
Een Regel is per definitie een weg, niet een boek!
Soms zul je proeven hoe goed de Heer is.
Verheug je dan en breng Hem alle eer,
want zijn goedheid voor jou
is zonder maat.
Soms zul je dor en vreugdeloos zijn
als een verschroeid land
of een leegstaande put.
Maar je dorst en machteloosheid
zullen je beste gebed zijn
als je ze met geduld aanvaardt
en met liefde op je neemt.
Uit: ‘De Regel voor een nieuwe broeder’
Hieronder een fragment uit de documentaire ‘Religulous’ waar helder wordt wat er gebeurt als je de letter van de wet hoger acht dan de geest.
2 Reacties
@ Jan
Super bedankt voor deze mail. Zo voel ik het ook aan… mooi!
Ook goed om te benadrukken dat het niet om wetten of wetticisme gaat, maar juist vrijheid geeft.
Mooie metaforen. Hier kan ik wel wat mee!
Amen, niets aan toe te voegen
mooi verwoord!